| Abstract |
Radix Weendoondi, soo genaemt bij de Malabaren, en bij de Cingaleesen Nijangale, Zij vallen dik, niet langer als een span, de natuur vandeselve is in zijn tweede en derde graat heet, Zij hebben ene afdrijvende en doorbijtende kragt, soo iemand komt wat veel te gebruijken vant'selve moet hij sterven, daerom moet een ervaren meester deselve met mate gebruijken. Zij vallen hier over al.
The roots of Weendoondi, named by the Malabars and by the Sinhalese Nijangale. They grow thick, not longer than 20 cm. Their nature is hot of the second and third grade and they have expelling and biting properties. When someone uses too much, he will die, so this medicine should be used by an experienced healer. They grow everywhere here.
|